Ineens overvalt het me, het gemis van mensen om me heen. Dan gaat het nog geeneens om bijvoorbeeld het sporten zelf. Maar gewoon de geintjes, de kleedkamer-humor, nazitten, praten met elkaar over van alles wat juist niks met sport te maken heeft. De routine die er dan is; donderdag was mijn trainingsavond. Dinsdag of zaterdag een wedstrijd spelen. Ik merk dat ik behoefte heb aan verandering om daar weer een energie boost van te krijgen.

Verandering leidt tot chemie?
Verandering is natuurlijk niet altijd nodig om energie te creëren. Het kan juist heel fijn zijn om een bepaalde routine te hebben. In de balans van de verandering en de routine ligt het antwoord. Teveel op routine wordt voorspelbaar, teveel veranderingen wordt onrustig. Je ziet het in de sport ook wel terug met name als het gaat over trainers/coaches die mogelijk te lang bij een team zitten. Er wordt dan gesproken van missende chemie of terugkerende chemie wanneer er een nieuwe element wordt toegevoegd als een nieuwe trainer of een speler.

Maar wat is dan die chemie? Chemie is dat überhaupt te vangen in woorden? Het gaat over een gevoel wat er is, een bepaalde sfeer. Een omgeving waarin genoeg verandering plaats vindt dat je kunt terugvallen op routine, maar variatie genoeg aanwezig om de sporter te prikkelen en verder te ontwikkelen.

Welke rol heb jij dan?
Een seizoen is opgedeeld in verschillende periodes waar jij als trainer de leiding hebt. Jij zet de lijnen uit. Hoeveel balans creëer je dan en in welke momenten zoek je de variatie. Plan je dan ook gesprekken in met je sporters? Een moment om te vragen hoe het met ze is? En dan ook echt kunnen en durven door vragen. Zoals aan het begin van het seizoen. Weet jij dan als trainer wat de motivatie is van de sporter, wat maakt dat hij sport, wat wil hij daarmee bereiken? Een sportieve prestatie of voornamelijk veel plezier maken? Zijn die gelijk met de gedachten die jij hebt als trainer?

Je zult misschien denken dat kost veel tijd. Hoe ga ik dat dan doen? Vaak is juist zo’n investering in tijd iets wat je later meer gaat opleveren. Hoe zou het zijn als je met elkaar sport waarin de basis gelijk is aan elkaar. Waar je elkaar snapt omdat je echt gesproken hebt met elkaar. Als je nu denkt dat die gesprekken zomaar tot stand komen dan moet ik je even wakker schudden. Dat is niet het geval. Echter kan ik je wel laten oefenen hoe dit soort gesprekken in jouw voordeel kunnen gaan werken en winst gaat opleveren.

 Dit doet er wel toe
Je haalt er alles uit als trainer op zowel fysiek, tactisch en technisch niveau. Je kunt echter niet meer uren trainen dan dat het lijf aan kan. Wat kan dan nog wel? Ik geloof dat wanneer je de mens achter de sporter (beter) leert kennen je uit gesprekken meer kennis kan halen door door-te-vragen, gouden vragen te stellen. Hierdoor ontstaat er een balans in de basis, je kent elkaar, weet wat er speelt en kunt elkaar daarop aanspreken. We vragen vaak wel hoe gaat het? En zijn geneigd om dan niet meer door te vragen of een oplossing te zoeken in fysiek, techniek of tactiek.
Zit de mens goed in zijn lijf, dan de sporter ook. Dus dat is mijn ogen de ultieme winst .

Op donderdag 15 april 2021 geef ik een Masterclass: Gouden vragen die elke trainer moet kunnen stellen. Deze gaat plaats vinden in Marknesse, NOP. Het gaat je helpen in jouw voorbereiding op het nieuwe seizoen. Een dag waarin jij mij alle vragen kunt stellen en vooral zelf veel aan de slag gaat. Mijn motto is doen. Kom jij ook?